Maandelijks archief: december 2016

Recept: verwarmende en versterkende thee (met gember, kaneel en steranijs)

theeBrrrr…ik weet niet hoe het bij jullie is, maar hier hangt er al de hele dag een vochtige, dikke bewolking over het land. Grijze mist waar af en toe ook wat regen uit valt. Gecombineerd met een flinke wind is het echt herfstig buiten! Op dit soort dagen kun je wel iets gebruiken dat je verkleumde lijf van binnenuit verwarmt. Als je deze thee maakt, komt dat zeker goed! Hij is ook heerlijk versterkend wanneer je wat grieperig bent. Ik zou zeggen: Santé!

Voor 1 kop thee heb je nodig:

  • 1/2-1 cm gember, fijn gesneden
  • een half kaneelstokje (Ceylon), gehakt
  • 2 steranijs

Gember helpt je spijsvertering en geeft verlichting bij koude handen en voeten (jippie!). Ceylon kaneel is verwarmend, verbetert je bloedcirculatie en spijsvertering en werkt koortsverlagend. Steranijs is kalmerend en verlichtend bij darmklachten. Deze combinatie smaakt ook nog eens heerlijk!

Door de gember en kaneel te snijden komt er meer smaak vrij in je thee en heb je minder nodig. Geen onnodig gebruik van voedsel dus.

De bereiding is natuurlijk heel simpel. Doe alle ingrediënten in een theezeefje, plaats dit in een groot glas en giet er water op dat net gekookt heeft. Laat een minuut of 5 trekken, en dan genieten maar!

Wat is jullie ultieme herfstthee?

Blijf op hoogte van nieuwe posts en volg Duurzame Dinkies op Facebook!

Advertenties

Mijn duurzaamheidsnulpunt

biologisch-katoen-638x330In mijn vorige post schreef ik over het ´goed genoeg zijn´ qua duurzaamheid. Met andere woorden, ik doe mijn best maar het lukt niet altijd om mijn leven precies zo duurzaam in te vullen als ik zou willen. Maar er zijn een aantal principes waar ik wél aan vast hou en die ik echt onder geen beding wil loslaten, al kom ik nog zo in de verleiding. Vandaag vertel ik over mijn duurzaamheidsnulpunt(en).
Dit zijn de twee belangrijkste:

  1. Biologisch vlees. Dit is een van de allereerste beslissingen geweest die ik gemaakt heb op mijn groene pad. Het kiezen voor biologisch vlees is niet alleen een kwestie van duurzaamheid maar zeker ook van dierenwelzijn. Ik wil gewoon dat áls ik een dier eet, dit dier op zijn minst een goed leven heeft gehad. Vlees met een biologisch keurmerk geeft die garantie (hoewel in deze verziekte maatschappij garanties niet bestaan, maar zonder vertrouwen is een mens nergens). Geen kooidieren, geen dieren die nooit daglicht zien, maar dieren die – voor zolang hun leven duurt – wel gewoon dier hebben kunnen zijn. Ik zal hier nooit concessies in doen. Dat is met uit eten gaan wel eens verdomd lastig. Bij ons in de buurt zijn niet heel veel mogelijkheden voor uitgebreid biologisch, vega of vegan eten (die ook qua sfeer nog eens goedgekeurd zijn). Aangezien ik ook geen kaas eet (tenzij het vermomd is als een lasagnekorstje) vallen veel vegetarische gerechten ook af. Tomatensoep? Ja, maar alleen zonder ballen. Darn. Als het echt niet anders kan smokkel ik daarmee door de ballen aan mijn vriend te geven (ik voel nu een grapje opkomen dat ik braaf laat liggen om mijn relatie gezellig te houden). Maar dat voelt ook niet echt goed, omdat ik wél niet-biologisch (en misschien wel bio-industrie)vlees heb gekocht. Vis kies ik wel, meestal heeft dat ook een FSC-keurmerk tegenwoordig. Dat is tenminste iets, niet waar? In restaurants koos ik ook vaak voor wild, dat heeft tenminste ook een vrij leven gehad. Dacht ik. Want laatst ben ik erachter gekomen dat wild voornamelijk alleen maar een categorie vleessoorten is (zoals eend, hert en konijn), maar dat het zo goed gekweekt vlees kan zijn. Zucht…ik vrees de dag dat ik alleen nog maar stokbrood met kruidenboter kan bestellen als hoofdgerecht. Maar: geen concessies. Ik kan het gewoon echt niet over mijn hart verkrijgen om een dier te eten waarvan ik niet weet of het een goed leven heeft gehad. Het offer is te groot. En hoe moeilijk het soms ook is in de praktijk, achteraf ben ik altijd blij dat ik wéér sterk ben geweest.
  2. Biologische kleding en schoenen. Dit is een principe dat relatief makkelijk vol te houden is. Al sinds een paar jaar koop ik enkel nog kleding met een biologisch keurmerk, én kleding die (voornamelijk) uit natuurlijke materialen bestaat. Er is voldoende te kiezen, als je weet waar je moet zoeken. Voor iedere kledingstijl zijn er passende kledingstukken te vinden. Favoriete merken zijn: Inti Knitwear en Armedangels. Voor in de winter is het thermo ondergoed van Engel Natur een aanrader.
    Biologische kleding kost meer, dat is waar. Maar wat je ervoor terug krijgt is de investering méér dan waard. Geen chemicaliën op je huid, geen schade aan het milieu en (in het geval van wol) geen dierenleed. Daarnaast is de kwaliteit van biologische kleding zoveel beter dan al die troep van de Primark en H&M. De mensen die jouw kleding gemaakt hebben, hebben hiervoor een eerlijke prijs gekregen. Het blijft langer mooi en langer draagbaar, daardoor is biologische kleding uiteindelijk goedkoper.
    Omdat biologische kleding nog een nichemarkt is, is het niet ruim in de nabije omgeving voorhanden. De meeste kleding koop ik daarom via webshops. Dat heeft nadelen: het kost extra verpakkingsmateriaal en het moet bij je thuis gebracht worden. Dat gebeurt over het algemeen niet met de (elektrische) fiets. Als ik zelf echter op zoek zou moeten naar fysieke winkels voor mijn biokleding, zou ik ook behoorlijk wat moeten rijden. Het is een arbitrair rekensommetje natuurlijk. Ik koop in ieder geval zo min mogelijk nieuwe kledingstukken en kies voor kledingstukken die makkelijk te combineren zijn, zodat ik niet vast zit aan ´outfits´. (Sowieso ben ik geen fashion victim, dus dat scheelt. Wie koopt er nu broeken waar een of andere mislukte designer de gaten al in de knieën heeft bedacht?).
    Grootste uitdaging van dit nulpunt? De schoenen. Ik heb altijd al een haat-liefdeverhouding gehad met schoenen, mede dankzij mijn platvoeten. Dat feit, gecombineerd met het voornemen om alleen biologische schoenen te kopen is al een fijne uitdaging – de spoeling in biologische schoenen is vrij dun. Daar komt nog bij dat de meeste biologische schoenen online te vinden zijn. Dankzij mijn platvoeten is schoenen kopen niet een kwestie van ´de leukste in je winkelwagen stoppen en klaar is madam´. Nee, heel veel leuke schoenen zitten absoluut niet fijn. Het hele proces van online schoenen shoppen, passen, teleurgesteld zijn over de pasvorm (en misschien ook de maat) en het hele zooitje weer terug moeten sturen is kort gezegd niet iets om naar uit te kijken. Met als gevolg dat ik nu al zo´n 6 jaar geen nieuwe schoenen heb gekocht. Nog niet eens slippers! De schoenen die ik daarvoor gekocht heb ´doen´ het nog steeds prima. Ik hou het nog wel een paar jaar uit. Maar uiteindelijk zal ik toch voor de bijl moeten. Tenzij ik tegen die tijd inmiddels zo volkoren leef dat ik 24 uur per dag op blote voeten loop (maar die kans acht ik niet zo héél groot). Trouwens, ik heb vorig jaar wel Glerups sloffen aangeschaft. Diepte-investering die zich in het winterseizoen nog dagelijks terugbetaalt. Maar sloffen zijn geen schoenen, dus ik mag nog steeds zeggen dat ik 6 jaar geen schoenen heb gekocht 😉

Hebben jullie ook duurzaamheidsnulpunten? Ik ben benieuwd wat ze zijn, laat het weten in een reactie!

Blijf op hoogte van nieuwe posts en volg Duurzame Dinkies op Facebook!